Wat de wet precies zegt
artikel 2, tweede lid, onderdeel dOnder goed verhuurderschap wordt verstaan: het schriftelijk vastleggen van de huurovereenkomst. Bij verhuur van verblijfsruimte aan arbeidsmigranten wordt de huurovereenkomst afzonderlijk van de arbeidsovereenkomst vastgelegd.
De wet schrijft geen model voor en stelt ook geen inhoudelijke eisen aan de bepalingen zelf: die volgen uit het huurrecht in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Wat deze wet toevoegt, is de vorm, en daarmee de controleerbaarheid. Zonder schriftelijk contract kan de gemeente niet vaststellen of u zich aan de overige regels houdt, en dat is precies waarom dit onderdeel handhaafbaar is gemaakt.
De koppeling met arbeid is bewust doorgesneden. Verhuurt u aan arbeidsmigranten, dan mag het einde van het werk niet automatisch het einde van de huur zijn: dat vraagt twee losse overeenkomsten.
Wat er minimaal in het contract hoort
De onderdelen hieronder zijn geen wettelijke opsomming, maar samen dekken ze de punten waarop een gemeente uw dossier toetst, en voorkomen ze de discussies die in de praktijk het vaakst voorkomen.
| Onderdeel | Waarom het erin hoort |
|---|---|
| Partijen en het gehuurde | Wie verhuurt aan wie, en welke ruimte precies; bij kamerverhuur ook welke gedeelde ruimtes |
| Kale huurprijs, apart van servicekosten | De kale huur is de basis voor de borg (maximaal tweemaal) en voor de toets aan de maximale huurprijs |
| Ingangsdatum en duur | Bepaalt of het om vaste of tijdelijke huur gaat en welke opzegregels gelden |
| Waarborgsom | Hoogte plus de wijze en termijnen van vaststelling bij het einde van de huur |
| Servicekosten en voorschot | Welke posten, welk voorschot en dat er jaarlijks wordt afgerekend |
| Onderhoud en gebruik | Wie welk onderhoud doet, en de huisregels waarop u de huurder kunt aanspreken |
| Contactpunt | Waar de huurder u of uw beheerder bereikt bij gebreken |
Vast of tijdelijk contract
Sinds 1 juli 2024 is een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd weer de norm. Tijdelijke verhuur van zelfstandige woonruimte kan alleen nog in de uitzonderingsgevallen die de wet noemt, bijvoorbeeld verhuur aan bepaalde doelgroepen of tussentijdse situaties. Dat staat los van de Wet goed verhuurderschap, maar bepaalt wel welk model u gebruikt.
Beide vormen moeten schriftelijk. Een tijdelijk contract dat alleen per WhatsApp is afgesproken, is dus zowel bewijsrechtelijk zwak als in strijd met deze wet.
Wat er in de praktijk misgaat
Veelgestelde vragen
Moet ik bestaande mondelinge afspraken nu vastleggen?
Leg ze alsnog schriftelijk vast. Dat voorkomt discussie over huurprijs, borg en servicekosten, en herstelt de situatie voordat een melding tot handhaving leidt.
Is digitaal ondertekenen genoeg?
Ja. Een digitaal ondertekend contract is schriftelijk. Zorg dat beide partijen hetzelfde exemplaar hebben en bewaar het bij het dossier.
Mag ik een modelcontract van een brancheorganisatie gebruiken?
Ja, en dat is meestal verstandig. Controleer wel of het model ook de wettelijke informatieonderwerpen dekt; veel oudere modellen doen dat niet.
Wat als de huurder niet wil ondertekenen?
Stuur het contract aantoonbaar toe en houd de correspondentie bij. Aanvaarding kan ook blijken uit betaling van de huur en het gebruik van de woning.
Geldt dit ook voor verhuur aan familie?
Ja. De wet maakt geen onderscheid naar de relatie tussen partijen; ook bij verhuur binnen de familie geldt de schriftelijke vastlegging.
Bronnen
Heeft u dit goed geregeld?
De huurcheck loopt de zes onderdelen met u door en laat per onderdeel zien wat al goed staat en wat u nog moet regelen.